|
|
 |
'Wetenschap van de daad'
Naar de startpagina - naar handouts - naar gestelde vragen
Enkele vragen en opmerkingen van deelnemers na afloop van de workshop. Plus de antwoorden.
|
|
Is de digitale leergemeenschap een gezelschap dat op de veerpont tussen theorie en praktijk heen en weer gaat (i.p.v. een brug)?
Als het om een treffende metafoor gaat, dan bevalt ons de metafoor van 'de kloof' tussen theorie en praktijk niet. Tussen theorie en praktijk bevindt zich een rijk en boeiend gebied. Het is het gebied van 'de wetenschap van de daad'. Hier bevinden zich onderwijsparels uit heden en verleden, mooie reflecties-on-action, pogingen routine te verwoorden, inspirerende praktijktheorieen, cognitieve conflicten, kernvragen en wat niet al dat noch zonder meer praktijk is, noch zonder meer theorie, maar van het grootste belang voor de lerarenopleiding.
|
|
Hoe voorkom je dat de stageschool de studenten gebruikt voor klusjes waar zij geen tijd voor hebben?
In het project worden alleen klussen aangepakt die met schoolontwikkeling van doen hebben en op verzoek van een school. Er is wel een aanzet gemaakt voor 'criteria waaraan een onderwerp van schoolontwikkeling moet voldoen', maar ook zonder die criteria voel je wel aan wat een mooie, prettig-complexe en uitdagende klus is en wat niet. Lukt het om de samenhang van opleidingsdidactische kenmerken (zie betreffende handout) te realiseren, dan komt het 'klusjes doen' steeds minder voor.
|
|
Kunnen jullie meer vertellen hoe ik weet of ik goed bezig ben? Hoe weet ik waar ik op moet letten?
Andere hogescholen kunnen aan het project meedoen. We komen graag een keer langs om de mogelijkheden te bespreken. Zie bijvoorbeeld de visitekaart, bij de handouts, voor namen en adressen.
|
|
Een inspirerend idee!
Hoe kan een uitgever hierbij behulpzaam zijn?
We denken dat de kennisomgevingen zoals die in het project worden ontwikkeld op den duur flinke delen van het Pabo-curriculum zullen vervangen. De bouwers van de kennisomgevingen hebben zeker inspiratie nodig en beslist ook bronmateriaal. Uitgevers kunnen behulpzaam zijn als content-makelaars. Bovendien zou men veel meer (dan nu het geval is) kunnen helpen met het ontwikkelen van wat wij in het project educatieve memen noemen. Dat zijn samenhangende entiteiten op het gebied van onderwijskunst en - kunde die binnen de kennisomgevingen een strijd om het bestaan voeren (enigszins vergelijkbaar met genen). We gebruiken met opzet de niet meteen duidelijke term educatief mem om associaties met intussen gestereliseerde termen als 'learning objects' of 'kennisobjecten' te voorkomen.
|
|
Hoe borg je de kwaliteit van het aanbod (producten van studenten) op de omgevingen?
De producties zijn onderdeel van het curriculum en worden net als andere onderdelen van het curriculum kwalitatief beoordeeld. Voor de beoordeling zijn eisen geformuleerd, enigszins vergelijkbaar met de eisen die aan kennisomgevingen worden gesteld (zie de handout over kennisomgevingen). Producties die namens een school openbaar worden gemaakt, moeten door mensen op de betreffende school akkoord worden bevonden.
Elke student beschikt in de digitale voorziening van de 'digitale opleidingsschool' bij het eigen werk over de knop 'maak deze publicatie openbaar'. Men klikt er wel eens spelenderwijs op en dan zijn inderdaad onaffe werkstukken op de openbare site te zien. Als dat er te veel worden, moeten we het proces van kwaliteitsbeoordeling nog wat strakker aantrekken en in elk geval het publiceren van meer 'weet je het zeker'-knoppen voorzien.
|
|
Inspirerend verhaal!
Een project als dit heeft een beperkte levensduur. Hoe zorgen jullie voor sustainability?
Het project gaat door na afloop van de gesubsidieerde periode, met dezelfde projectleider en overige ondersteuning vanuit het Bureau voor Educatief Ontwerpen. De deelnemers die twee jaar aan het project deelnemen zijn naar wij aannemen tegen die tijd zelfvoorzienend voor wat betreft know how, en kunnen nog steeds van de digitale voorziening gebruik maken, die gewoon in de lucht blijft. Op een van de deelnemende hogescholen maakt men nu al een planning voor ondersteuning na afloop van het project, vooral omdat de vragen die naar voren komen alsmaar interessanter worden. Kan dit project bijvoorbeeld worden gebruikt om een 'Pabo met hart en ziel' verder te ontwikkelen? Ja. Dat kan.
|
|
Soms is het zo dat docenten zelf bezig zijn met onderzoek en daar graag studenten en scholen bij willen betrekken. Op onze opleiding zijn we bezig met een manier waarop dat zou kunnen. Kan dit Surfproject daar ook in voorzien?
Ja, dat kan. Verbreding naar andere opleidingen wordt door Surf als winst gezien. De docenten die zelf bezig zijn met onderzoek zijn ideale redacteuren van kennisomgevingen. We zouden willen dat alle docenten dit werk als eigen onderzoek gingen opvatten!
|
| |
Is er nog een plan voor uitbreiding naar andere Pabo's en zo ja hoe?
Er is geen echt plan, wel een mogelijkheid: andere Pabo's kunnen gewoon meedoen. We komen graag langs. Zie de visitekaart bij de handouts.
|
|
Is het mogelijk om beperkte vragen in de eerste twee leerjaren toe te passen?
Dat is zonder meer mogelijk, zij het dat er verschillende manieren zijn. Voorbeeld: een basisschool wil verder met educatieve ICT. De vraag van de school wordt doorgegeven aan een grote groep tweedejaars die aan educatieve informatica doen. Slechts enkele studenten bezoeken de school en rapporteren over de vragen die men heeft, condities waaronder men werkt, eisen die men stelt. De vraag van de school werkt als de context voor het ontwikkelwerk. Misschien is er aan het eind van het werk een grote marktpresentatie.
Zo zijn tientallen voorbeelden te bedenken.
Voor eerstejaars bijvoorbeeld: publicatie van de kennisomgeving '280 mooie manieren om een les te beginnen of juist niet'. Past bij hun betrokkenheid en zou toch nieuw zijn, en zelfs interessant voor doorgewinterde lesgevers.
In het algemeen: het eerste en tweede jaar zijn o.i. gebaat bij het opzetten van educatief-ontwerpen-happenings. Men werkt in die jaren vaak veel te klein. Grootse producties zijn altijd publicabel.
|
|
Waarom doet onze opleiding niet mee in de opschaling?
Dat snappen wij zelf ook niet.
|
|
Van verwondering naar innovatief onderwijs, een inspirerende weg!
Precies wat we wilden we zeggen!
|
|
|
|
(Verder nog meer vragen over mogelijkheden tot participatie. Beantwoording is hierboven al gedaan.) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|